Skip to Main Content

APA-richtlijnen (7e): Onderdelen bronvermelding

Een zeer uitgebreide uitleg over de nieuwste editie APA, met veel voorbeelden

Wat is een bronnenlijst?

Een bronnenlijst, ook literatuurlijst of bibliografie genoemdis een overzicht van alle bronnen (met uitzondering van persoonlijke communicatie) waar in de tekst naar wordt verwezen. 

Hoe maak je een bronnenlijst?

  • plaats ALLE bronnen op alfabetische volgorde, ongeacht een type bron of het materiaal;
  • ALLEEN de bronnen waar in de tekst naar wordt verwezen, worden in de bronnenlijst opgenomen;
  • begin een bronnenlijst als een nieuw hoofdstuk, na de hoofdtekst en voor de eventuele bijlage(n);
  • de beschrijvingen van bronnen laten alle gegevens zien die nodig zijn voor de lezer om de bron te identificeren en zelf te raadplegen;
  • laat de bronvermelding die langer is dan één regel vanaf de tweede regel inspringen.

Volgorde van bronvermeldingen

  • Rangschik de bronvermeldingen alfabetisch op achternaam van de (eerste) auteur, gevolgd door de initialen.
  • Alfabetiseer letter voor letter. Houd aan: ‘niets komt vóór iets’: Brown, J. R. staat voor Browning, A. R..
  • Ook namen met vaste voorvoegsels zoals M’, Mc en Mac alfabetiseer je per letter: MacArthur gaat vooraf aan McAllister, MacNeil gaat vooraf aan M’Carthy.
  • Alfabetiseer achternamen met vrijstaande tussenvoegsel (zoals: van, de, van de(r), von) op het tussenvoegsel: Van der Linden’, ‘De Vries’.
  • Voor het ordenen van werken van dezelfde (eerste) auteur zijn de volgende regels van toepassing:
    • Publicaties van dezelfde auteur worden geordend op publicatiejaar (de oudste werken bovenaan).
    • Bij werken met dezelfde eerste auteur gaan werken met één auteur vooraf aan werken met meerdere auteurs. Bij werken met dezelfde eerste en tweede auteur en een verschillende derde auteur wordt geordend op de naam van de derde auteur, enzovoort.
    • Bij werken van dezelfde auteurs in dezelfde volgorde wordt geordend op jaar (de oudste werken bovenaan).
    • Werken van dezelfde auteur (of van dezelfde twee of meer auteurs in dezelfde volgorde) met dezelfde publicatiedatum worden alfabetisch op het eerste woord van de titel geordend (lidwoorden uitgezonderd). Voeg vervolgens kleine letters - a, b, c, etc. - toe aan het jaar, zowel in de tekst als in bronnenlijst.
Luyendijk, J. (2015a). Dit kan niet waar zijn: Onder bankiers. Atlas Contact.
Luyendijk, J. (2015b). Het zijn net mensen: Beelden uit het Midden-Oosten (32e druk). Uitgeverij Podium.

Standaard elementen bronvermelding

De beschrijving van een bron is opgebouwd uit een aantal vaste onderdelen die terug gevonden kunnen worden door te vragen:

                                                                                        

            WIE                   WANNEER                  WAT                      WAAR

Elk van deze onderdelen eindigt met een punt (.), met uitzondering van een URL of een DOI.

WIE: Auteur

  • Achternaam
    Vermeld eerst de achternaam, gevolgd door de voorletter(s).
Jansen, J.

 

  • Voornaam/Voornamen
    In de bronnenlijst gebruik je alleen de voorletter(s) gescheiden door een spatie. Zet komma tussen achternaam en voorletter(s). 
Jansen, J. A.

 

  • Voornaam met een tussenstreepje
    Bij een voornaam met een tussenstreepje vervangt het streepje de spatie, Marie-José wordt:
Geenen, M.-J.

 

  • Tussenvoegsels
    De vaak in de Nederlandse achternamen voorkomende tussenvoegsels ('van de', 'van den', 'de', etc.) komen voor de achternaam en worden voluit en met een hoofdletter geschreven, bijvoorbeeld: 
Van den Berg, G. H.

 

  • 1 tot 20 auteurs
    Heeft het werk tot 20 auteurs, dan worden ze allemaal genoemd in de bronvermelding. Zet vóór de laatste auteur van een werk een ampersand (&), voorafgaand door een komma. 
Author, A. A., Author, B. B., & Author C. C.

 

  • Vanaf 21 auteurs
    Bij 21 of meer auteurs vermeld je alleen de eerste 19 auteurs, gevolgd door een beletselteken (drie punten, gescheiden door een spatie). Daarna volgt de naam van de laatste auteur (zonder ampersand).
Auteur, A. A., Auteur, B. B., Author, C. C., Auteur, D. D., Auteur, E. E., Auteur, F. F., Auteur, G. G., Auteur, H. H., Auteur, I. I., Auteur, J. J., Auteur, K. K., Auteur, L. L., Auteur, M. M., Auteur, N. N., Auteur, O. O., Auteur, P. P., Auteur, Q., Auteur, R. R., Auteur, S. S., . . . Auteur, Z. Z.

 

  • Organisatie als auteur
    Vermeld bij een groepsauteur de volledige naam van de groep of organisatie. Is de publicerende instantie onderdeel van een grotere organisatie, geef dan eerst de naam van de overkoepelende organisatie.
Centraal Bureau voor de Statistiek.
The White House, Office of the Press Secretary.

 

  • Onbekende auteur of organisatie
    Bij een publicatie waarvan de auteur onbekend is verschuif je de titel naar de positie van de auteur.
Titel van publicatie. (2000).

 

 ! Bij de verwijzing in de tekst gebruik je de eerste paar woorden van de titel tussen aanhalingstekens of cursief gedrukt.

WANNEER: Publicatiedatum

Na de naam van de auteur volgt het jaar van publicatie tussen ronde haken.

  • Kranten en magazines
    Bij magazines, kranten en nieuwsbrieven vermeld je jaar/maand of jaar/dag/maand, afhankelijk van de frequentie waarmee het periodiek verschijnt. Houd in het Nederlands jaar/dag/maand aan.

(2008, mei)
(2014, 15 januari)

 

  • Geen datum
    Is het jaar niet bekend, gebruik dan ‘z.d.’ (zonder datum).
Author, A. A. (z.d.).

WAT: Titel

De opmaak van de titel verschilt per type bron.

  • Boeken en rapporten (en andere op zichzelf staande werken die niet periodiek verschijnen)
    De gehele titel en ondertitel staan cursief. 
Jassies K., & Nafzger, J. (2018). Instaproof: in 15 stappen naar insta(nt) succes op Instagram. Uitgeverij Snor.

 

  • Hoofdstukken uit geredigeerd boek
    Alleen de titel en eventuele ondertitel van het gehele boek staan cursief. En dus niet de titel van het hoofdstuk.

Bloemendal-Hol, S. (2010). Stief zonder moeder. In N. Brezesowsky (Red.), De bonusmoeder: Ontroerende en humoristische ervaringen van stiefmoeders (pp. 141-148). Artemis.

 

  • Periodieken (tijdschriften, magazines, kranten, nieuwsbrieven)
    De titel van het periodiek staat cursief. En dus niet de titel van het artikel.

De Vries, D., Sumter, S., Notten, N., & Rozendaal, E. (2020). De spiegel van de sociale media: Een exploratieve studie naar de online zelfpresentatie van tweens. Tijdschrift voor Communicatiewetenschap, 48(4), 209-230.

 

Andere informatie over de titel:
  • Vorm
    Geef na de titel vorm specifieke informatie als dat belangrijk is voor het identificeren en terugvinden van het werk. Schrijf het eerste woord met een hoofdletter en gebruik vierkante haken.

Blokhuis, L. (Presentator). (2019-heden). Top 2000 a gogo [Audio podcast]. Geraadpleegd op 30 november 2020, van https://podcasts.apple.com/nl/podcast/top-2000-a-gogo/id1492682373?l=en

  • Een tweede of latere druk/editie
    De editie vermeld je achter de titel, tussen ronde haakjes (niet cursief). Noteer het getal, '2e druk' in plaats van 'tweede druk'. De oplage wordt niet vermeld. Zowel de schrijfwijze 2e druk als 2de druk zijn toegestaan, wees hier wel consequent in.

Werkgroep APA. (2021). APA-richtlijnen uitgelegd: een praktische handleiding voor bronvermelding in hoger onderwijs (3e herziene editie). Surf.

WAAR : publicatie-informatie

Het type bron, gedrukt of digitaal, bepaalt welke publicatie-informatie wordt opgenomen.

  • Papieren boeken
    Bij papieren boeken is de vindplaats de uitgever. De naam van de uitgever wordt overgenomen zoals in het werk vermeld staat. Toevoegingen over de rechtsvorm van de uitgever, bijvoorbeeld B.V. of Inc., worden niet genoemd.
Hastings, R., & Meyer, E. (2020). No rules rules: Waarom Netflix zo succesvol is. Spectrum.

 

  • Digitale boeken
    Bij digitale boeken wordt tevens de DOI of raadpleegdatum en URL vermeld.

Swinnen, J., & McDermott, J. (Eds.). (2020). Covid-19 & global food security. International Food Policy Research Institute. Geraadpleegd op 10 september 2020, van https://books.google.nl/books?id=3EfzDwAAQBAJ

 

  • Webpagina
    Bij webpagina’s wordt de naam van de website achter de titel gezet, niet cursief, gevolgd door raadpleegdatum en URL. Laat de naam van de website weg als deze gelijk is aan de naam van de organisatie (auteur).

Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Pharmacie. (2020, 18 november). Medicijn in het kort: In één oogopslag inzicht in je medicijn. Apotheek.nl. Geraadpleegd op 9 februari 2021, van https://www.apotheek.nl/actueel/medicijn-in-het-kort-in-een-oogopslag-inzicht-in-je-medicijn

 

  • Tijdschrift- en  krantenartikel
    Bij tijdschrift- en krantenartikelen wordt de jaargang, nummer aflevering en de pagina's vermeld. 

Yeh, S.-S. (2021). Tourism recovery strategy against covid-19 pandemic. Tourism Recreation Research, 46(2), p.188–194. https://doi.org/10.1080/02508281.2020.1805933

Tips bij ontbrekende gegevens

In een bronvermelding neem je de gegevens op die in de originele publicatie worden vermeld. Meestal vind je alle gegevens op de titelpagina, maar soms moet je wat verder bladeren of zoeken.

Als gegevens in de originele publicatie ontbreken kun je die vaak uit de context achterhalen of afleiden (bijvoorbeeld de website van de organisatie of uitgever). Vind je de ontbrekende gegevens daar ook niet mag je het betreffende element weglaten.
Let op, daardoor veranderd soms het format van de bronvermelding. Kijk in de APA richtlijnen uitgelegd  2.2 Ontbrekende gegevens hoe het werkt.

Ontbrekend element

oplossing

formaat

Bronvermelding

Bronverwijzing in tekst

Auteur/organisatie

Geef de titel weer, de publicatiedatum en de bron.

Titel. (datum). Bron.

(Titel, jaar)

Titel (jaar)

Publicatiedatum

Geef de auteur weer, gebruik (z.d.) = “zonder datum”, dan de titel en de bron.

Auteur. (z.d.) Titel. Bron.

(Auteur, z.d.)

Auteur (z.d.)

Titel

Geef de auteur weer, de publicatiedatum, beschrijf het werk tussen [  ] , en dan de bron.

Auteur. (datum). [werkbeschrijving]. Bron

(Auteur, jaar)

Auteur (jaar)

Auteur en datum

Geef de titel weer van het werk en (z.d.) en dan de bron.

Titel. (z.d.). Bron.

(Titel, z.d.)

Titel (z.d.)

Auteur en titel

Beschrijf het werk tussen [  ], dan de datum en de bron.

[werkbeschrijving]. (Datum). Bron

([werkbeschrijving], jaar)

[Werkbeschrijving] (jaar)

Publicatiedatum en titel

Geef de auteur weer, (z.d.), beschrijf het werk tussen [  ] en dan de bron.

Auteur. (z.d.) [Werkbeschrijving]. Bron

(Auteur, z.d.)

Auteur (z.d.)

Auteur, publicatiedatum en titel

Beschrijf het werk tussen [  ], (z.d.) en dan de bron.

[Werkbeschrijving]. (z.d.). Bron

([Werkbeschrijving], z.d.)

[Werkbeschrijving] (z.d.)

Bron

Verwijs er naar als persoonlijke communicatie of gebruik een ander werk.

Niet opnemen in de bronnenlijst

(Auteur, persoonlijke communicatie, dag maand jaar)

Auteur (persoonlijke communicatie, dag maand jaar)

Test jezelf!